Zelf je banden wisselen kan je geld besparen en geeft een voldaan gevoel. Toch komt er meer bij kijken dan alleen een krik en een kruissleutel. Veiligheid staat voorop: een verkeerd geplaatste krik of een losse wieldop kan leiden tot ongelukken. In dit artikel lees je precies welk gereedschap je nodig hebt, hoe je veilig te werk gaat en waar je op moet letten tijdens het wisselen.
Of je nu overstapt van zomer- naar winterbanden of juist andersom, met een goede voorbereiding en een stappenplan is het prima te doen. We bespreken ook de voor- en nadelen ten opzichte van een garage of bandenservice, zodat je een bewuste keuze maakt.
Wat heb je nodig om zelf banden te wisselen?
Voordat je begint, is het belangrijk om het juiste gereedschap in huis te halen. Een basis set bestaat uit een krik, een kruissleutel of momentsleutel, en wieldoeken (of een stuk karton). Een krik kun je vaak lenen van een kennis of kopen vanaf ongeveer 15 euro voor een simpele schaarkrik, tot 50 euro voor een degelijker exemplaar. Een momentsleutel is geen overbodige luxe: hiermee draai je de wielbouten altijd met het juiste aanhaalmoment vast, wat cruciaal is voor je veiligheid. Deze zijn verkrijgbaar vanaf ongeveer 25 euro.
Verder is het handig om een wielklem of een paar stenen te gebruiken om het voertuig tegen wegrollen te beveiligen. Een zaklamp, werkhandschoenen en een stuk krijt of plakband om de positie van de wielen te markeren, komen ook van pas. Controleer vooraf of je de juiste maat momentsleutel hebt voor jouw auto: de meeste auto’s hebben een boutmaat van 17 of 19 mm, maar check dit in het instructieboekje.
Daarnaast is het verstandig om een reservewiel of een set wisselbanden klaar te leggen. Zorg dat de banden de juiste maat en snelheidsindex hebben, zoals vermeld in het kentekenregister of op de zijkant van je huidige banden. Als je twijfelt over de staat van je banden, laat ze dan controleren door een prof. Maar voor het wisselen zelf heb je aan bovenstaande spullen genoeg.
Veilig wisselen: waar moet je op letten?
Veiligheid is het allerbelangrijkste. Kies een vlakke, stevige ondergrond, bij voorkeur een parkeerplaats of oprit zonder helling. Zet de handrem goed aan en zet de versnelling in de eerste versnelling (of in P bij een automaat). Gebruik altijd wielkeggen of stenen aan de voor- en achterkant van de wielen die op de grond blijven staan. Dit voorkomt dat de auto wegrolt tijdens het wisselen.
Plaats de krik nooit onder de carrosserie of een as, tenzij je precies weet waar de opkrikpunten zitten. Deze staan meestal aangegeven in het instructieboekje en zijn vaak gemarkeerd met een inkeping of een driehoekje. Zet de krik altijd goed vast en controleer of hij stabiel staat voordat je de auto optilt. Een krik is alleen bedoeld om de auto op te krikken, niet om eronder te werken. Gebruik daarom altijd een assteun of een stevige houten balk als je onder de auto moet.
Draai de wielbouten eerst los voordat je de auto opkrikt. Dit gaat gemakkelijker en voorkomt dat je wiel gaat draaien. Gebruik een kruissleutel of een momentsleutel met verlengstuk. Draai de bouten altijd kruislings los, zodat de spanning er gelijkmatig afgaat. Let op dat sommige auto’s wielbouten hebben met een beveiliging: dan heb je een speciale adapter nodig die vaak bij de boordgereedschap zit.
Stappenplan: zelf banden wisselen in 7 stappen
Stap 1: Zet de auto op een vlakke ondergrond en zorg dat de handrem staat. Plaats wielkeggen bij de wielen die blijven staan.
Stap 2: Markeer met krijt of plakband welke band aan welke kant zat (bijv. LV = linksvoor, RA = rechtsachter). Dit is handig als je wisselt van positie, maar niet noodzakelijk.
Stap 3: Draai de wielbouten van het wiel dat je wilt wisselen een halve slag los, zonder ze er helemaal uit te draaien. Gebruik de kruissleutel of momentsleutel.
Stap 4: Plaats de krik op het juiste opkrikpunt en krik de auto omhoog tot het wiel vrij van de grond is. Controleer of de auto stabiel staat.
Stap 5: Verwijder de wielbouten volledig en haal het wiel eraf. Leg het vlak neer, met de loopvlak naar boven, om beschadiging te voorkomen.
Stap 6: Plaats het nieuwe wiel op de naaf en draai de bouten met de hand een paar slagen aan, totdat ze goed vastzitten. Draai ze daarna kruislings aan met de kruissleutel, maar nog niet volledig.
Stap 7: Laat de auto zakken met de krik, maar net niet helemaal. Draai de bouten nu definitief aan met een momentsleutel op het juiste aanhaalmoment (meestal 110-130 Nm, check het instructieboekje). Zet de auto volledig op de grond en doe een laatste controle.
In het kort
- Controleer altijd de profieldiepte (minimaal 1,6 mm wettelijk, maar bij regen is 3 mm veiliger).
- Bewaar je banden op een koele, droge plaats, staand en niet gestapeld.
- Controleer de bandenspanning na het monteren, bij voorkeur wanneer de banden koud zijn.
- Noteer het aanhaalmoment van je wielbouten in je telefoon, zodat je het niet vergeet.
- Vervang beschadigde of verouderde banden (ouder dan 6 jaar) altijd door nieuwe.
- Oefen het wisselen van een wiel ooit op een veilige plek, vóórdat je het echt nodig hebt.
- Overweeg een vaste momentsleutel als je vaak wisselt; een kliksleutel is nauwkeuriger.
Veelgestelde vragen
Is zelf banden wisselen veilig?
Ja, als je goed voorbereid bent en de veiligheidsregels volgt: vlakke ondergrond, handrem aan, wielkeggen, en correct gebruik van krik en momentsleutel. Twijfel je over je krik of assteunen, ga dan naar een garage.
Wat kost het om banden te laten wisselen?
Bij een garage of bandenservice kost het wisselen van vier wielen gemiddeld tussen de 50 en 80 euro, inclusief balanceren. Zelf doen is bijna gratis, maar je moet wel het gereedschap aanschaffen.
Hoe vaak moet ik mijn banden wisselen?
Het is aan te raden om twee keer per jaar te wisselen: van winter- naar zomerbanden (meestal rond april) en van zomer- naar winterbanden (rond oktober). Wissel bij extreme slijtage of schade eerder.
Heb ik een momentsleutel nodig?
Een momentsleutel is sterk aan te raden. Te vast aangedraaide bouten kunnen de remschijf vervormen; te losse bouten kunnen tijdens het rijden loskomen. Met een momentsleutel weet je zeker dat je het juiste koppel gebruikt.
Conclusie
Zelf banden wisselen is een klus die je met het juiste gereedschap en een veilige aanpak prima zelf kunt doen. Het bespaart geld en geeft controle over je auto. Maar wees eerlijk: als je onzeker bent over je krik of het aanhaalmoment, of als je rug of knieën het niet toelaten, is een bandenservice een goed alternatief. Weeg de voor- en nadelen af en kies wat bij jou past.
Autobanden kopen en laten monteren?
Vergelijk rustig en vraag vrijblijvend offertes aan via Bandwijs.
Vind de juiste banden →Lees ook: 5 veelgemaakte fouten bij het wisselen van banden · Bandenwissel check: dit moet je controleren voordat je wegrijdt · Anwb bandenwissel service: zo werkt het · Bandenwissel thuis of bij de garage: voor- en nadelen · Banden opslaan: zo doe je dat op de juiste manier · Bandenwissel op afspraak: zo plan je slim — meer over bandenwissel
Bandwijs is een onafhankelijke gids en verkoopt zelf niets. Prijzen zijn indicaties.